Home » Blog » zoektocht

Tag: zoektocht

De Deur

Door Fiona Robertson, vertaald door Pleun Vermaas en Marloes Geraeds.

Lang, lang geleden, begon het kloppen op mijn deur
en duizend maal per dag weigerde ik open te doen
omdat ik aannam dat de deur op slot was
en ik geen sleutel had

Ik zocht stad en land af naar de beste slotenmakers
omdat ik dacht dat dit mysterie ingewikkeld was
en zich niet zomaar zou laten ontrafelen

Nu blijkt dat die deur al die tijd op een kiertje stond
en jij gewoon wachtte
tot ik op zou staan om de deur open te doen

Altijd maar op zoek; met de Panorama Inquiry, gefaciliteerd door Scott Kiloby

Door Scott Kiloby; vertaald door Pleun Vermaas.  

Tony:
Ik kan niet stoppen met zoeken. Ik doe het al mijn hele leven. Zoeken naar dingen, liefde, seks, goedkeuring, drugs, mijn ‘betere’ ik en spirituele ontwikkeling. Voldoening vind ik niet. Eigenlijk ben ik steeds op zoek naar een (betere) toekomst.

Scott:
Stel al die mensen en dingen nu eens op in een cirkel om je heen, inclusief jouw concept van een (betere) toekomst. Scan de cirkel, totdat je de neiging als een fysieke sensatie in je lichaam voelt om ‘op zoek’ te gaan naar iets. Dat is de trigger.

Tony:
Alles is een trigger.

Scott:
Wat brengen al die mensen en dingen in jou naar boven? Wat is er mis? Benoem het. Vat dat nou eens samen tot een bepaald soort zelf voor wie jij jezelf houdt.

Tony:
Incompleet.

Scott:
Laten we proberen of we die incomplete persoon kunnen vinden. Ben jij de woorden ‘ik ben een incompleet persoon’? Jij, die incompleet is?

Tony:
Ja, dat ben ik. Het raakt me.

Scott:
Focus op je lichaam, zonder woorden nu. Ben jij die fysieke sensatie?

Tony:
Nee.

Scott:
Kun je die naamloze fysieke sensatie er gewoon laten zijn, precies zoals die is?

Tony:
Ja.

Scott:
Ben jij dat?

Tony:
Ik, de incomplete persoon? Nee.

Scott:
Kijk nogmaals de cirkel rond, totdat je iets specifieks tegenkomt waarbij de fysieke sensatie van het zoeken voelbaar wordt?

Tony:
Ik zie mensen die ik ken en mij niet mogen. Ik wil juist dat ze me wel aardig vinden.

Scott:
Ben jij de woorden ‘ik zie mensen die ik ken en mij niet mogen’? Jij, diegene die incompleet is?

Tony:
Nee, dat niet. Het zijn gewoon woorden. Maar als ik het gezicht zie van een bepaald persoon, dan voel ik die zoekende energie opkomen.

Scott:
Ben jij dat beeld van dat gezicht? Jij, diegene die incompleet is?

Tony:
Nee, en het is net tot rust gekomen. Het is belachelijk dat ik ‘op jacht’ ben naar plaatjes!

Scott:
Kijk de cirkel rond.

Tony:
Vroeger rookte ik sigaretten. Ik voel nu de neiging om naar de winkel te gaan en een pakje te halen.

Scott:
Is dat beeld van het pakje sigaretten diegene die incompleet is?

Tony:
Nee.

Scott:
Stel je voor hoe jij naar de winkel rijdt om een pakje sigaretten te halen. Ben jij dat beeld?

Tony:
Nee, het gebeurt niet eens. Het is slechts mijn verbeelding. Ik ben niet dat beeld.

Scott:
Kijk de cirkel rond.

Tony:
Ik zie andere mensen voor me die gelukkiger lijken dan ik. Ik wil zo zijn. Ik wil hun geluk.

Scott:
Ben jij dat beeld van die andere mensen? Jij, diegene die incompleet is?

Tony:
Nee.

Scott:
En als je nu kijkt naar de woorden ‘ik wil hun geluk’?

Tony:
Het zijn gewoon woorden. Ik kan diegene die incompleet is niet vinden. Ik kan nu niet iets vinden om na te jagen of zo.

Scott:
Mooi zo! Kijk nu nog eens de cirkel rond.

Tony:
Ik zie een spirituele leraar die verlicht lijkt. Dat wil ik ook!

Scott:
‘Ik wil verlicht zijn.’ Ben jij deze woorden? Jij, diegene die incompleet is?

Tony:
Ik kan redelijkerwijs wel bedenken dat ik die woorden niet ben. Maar iets in mijn lichaam zegt ‘ja’. Ik ben er nog niet.

Scott:
‘Ik ben er nog niet’. Ben jij die woorden?

Tony:
Haha, echt niet! En nu ik dat zie heb ik ook niet meer het idee dat mijn lijf zegt: “Ik ben er nog niet”. De energie is er wel, maar het doet me niet zoveel. Het is oké zo.

Scott:
Juist. Dat komt doordat je lichaam niet spreekt. Het zegt nooit wat. Er zijn daar alleen maar emoties en fysieke sensaties. Het zijn enkel de woorden en beelden die betekenis geven aan de emoties en fysieke sensaties. Kijk naar het beeld van die spirituele leraar, maar voeg er geen woorden aan toe. Ben jij dat beeld?

Tony:
Nee, dat is me nu volkomen duidelijk. Het is alleen een beeld.

Scott:
Bekijk de cirkel.

Tony:
Ik voel me compleet nu.

Scott:
Oké, maar bekijk de cirkel nog eens.

Tony:
Nu zie ik dit werk, deze inquiry [noot vertaler: zelfonderzoek], en wil ik het de hele tijd gebruiken. Ik zie voor me dat ik het gebruik om iets te zoeken in de toekomst.

Scott:
‘Ik wil deze inquiry gebruiken om iets te zoeken in de toekomst’. Ben jij deze woorden? Jij, diegene die incompleet is?

Tony:
Nee, helemaal niet zelfs. Ik zag hoe ik deze inquiry wilde gebruiken voor mijn eigen verhaal. Nu vraag ik me af wat ik daarmee dan hoop te vinden. Een ander verhaal of zo?

Scott:
Ja. Het verhaal vertelt je altijd dat je niet compleet bent. Het wil zichzelf compleet maken, maar kan dat nooit omdat het altijd een verhaal is van tijd, op zoek naar een betere toekomst. Maar deze inquiry gaat daar niet over. Het is kijken in het hier en nu of er een incomplete persoon valt te vinden. Het is het geloof in een incompleet zelf, waardoor het zoeken aangezwengeld wordt. Kun je die incomplete persoon vinden, zoals je hier nu zit?

Tony:
Er is een opleving van zoekende gedachten en energie. Het is niet speciaal gericht op iets. Gewoon onrust.

Scott:
Ben jij ‘Er is een opleving van zoekende gedachten en energie.’? Jij, diegene die incompleet is?

Tony:
Ja, ik voel die fysieke sensatie van onrust heel sterk.

Scott:
Kalm aan. Laat de energie er zijn, zonder de naamkaartjes. Ben jij die energie? Jij, diegene die incompleet is?

Tony:
[lange pauze voor antwoord] Nee. De onrust neemt af, zodra ik er niks mee doe. Maar wat opkomt is de gedachte dat ik echt incompleet ben, ook al kan ik dat zelf niet vinden.

Scott:
Kijk rechtstreeks naar die woorden: ‘ik ben echt incompleet, ook al kan ik dat zelf niet vinden’. Ben jij deze woorden?

Tony:
Haha, nee! [lacht]

Scott:
Alle woorden lossen op als je ze recht in het gezicht kijkt, tenzij er tegelijkertijd een emotie of fysieke sensatie opkomt. Dat maakt de woorden zo lastig. Daarom voelen ze niet alleen waar, maar lijkt het ook alsof de woorden zelf jou zijn. Kun je die incomplete jou vinden?

Tony:
Nee, hij is helemaal niet te vinden nu. Het voelt zelfs niet eens alsof ie ergens vaag op de achtergrond is. Ik voel me onzichtbaar, maar dan op een goede manier. Zo bevrijdend!

Scott:
Kijk de cirkel nog eens rond. Lijkt het erop dat deze dingen en mensen jou tot zoeken manen?

Tony:
Nee. Ik voel nu helemaal geen aantrekkingskracht meer naar hen toe.

Scott:
Dus wie of wat ben je, werkelijk?

Tony:
Ik kan niet eens zeggen dat ik een complete persoon ben. Dat voelt als een onecht verhaal. Het is.. eh.. verhaalvrije vrijheid of compleetheid. Dat is hoe ik het zou willen omschrijven.

 

Uit Scott’s boek: “The Unfindable Inquiry: One Simple Tool to Overcome Feelings of Unworthiness and Find Inner Peace” 

The Unfindable Inquiry is als paperback of als e-book verkrijgbaar bij bol.com.

Afkicken van satsang is soms nodig

Door Scott Kiloby, vertaald door Pleun Vermaas.

Dat ik me op het Kiloby Center vooral ben gaan richten op het gebied van verslavingszorg is geen toeval. Ik wilde weg uit het satsangwereldje, dat was een van de redenen. Op zichzelf is dat circuit niet verkeerd of schadelijk. Maar ik herinner me de vele telefoontjes, sms-jes en e-mails van spirituele zoekers die net een week of weekend satsang met een leraar hadden gehad. Ze vertelden me dat ze het zo geweldig hadden gehad, dat ze daadwerkelijk ‘vrede hadden gevonden’, of zoiets. Maar die dinsdag of woensdag de week daarop veranderden die berichten rap: “Het is weer helemaal mis met me. Wat moet ik nu doen?!”. En dan antwoordde ik: “Onderzoek dat nou eens. Gebruik de dingen die je op satsang hebt geleerd. Ontwaken is bovenal een interne aangelegenheid. Als je denkt dat je met een bezoek aan een satsang opeens ‘ontwaakt’ bent en nooit meer zal lijden wanneer je terugkeert in je dagelijks leven en routine, dan kom je van een koude kermis thuis. Het zou net zoiets zijn als dat je naar een drugsdealer gaat en het hem kwalijk neemt dat je (tijdelijke) roes voorbij gaat.” Maar in plaats van echt zelfonderzoek te doen, boekt men meestal de eerst mogelijke volgende satsangbijeenkomst en verwacht dat de euforie of innerlijke rust weer vanzelf tot hen komt. Soms houdt dit inderdaad een paar dagen of misschien een paar weken aan, om vervolgens weer te vervallen in de gebruikelijke ellende.

Goed ik geef toe, ik ben wat vooringenomen. Toen ik zoekende was heb ik niet één keer een satsang bezocht. Oké, ik heb er wel een of twee DVD’s over bekeken, maar verder niet. Ik pikte er een paar waardevolle ‘tools’ uit, verliet het satsangwereldje en begon met een grondig zelfonderzoek. Dat maakte voor mij het verschil. Als ik met spirituele zoekers praat die ‘helemaal into satsang’ zijn, dan zeggen ze dat ze de ‘transmissie’ zo waardevol vinden. Dat is de reden om steeds weer een satsang te bezoeken. Het idee achter die transmissie is dat er een bepaalde herkenning van leraar op student wordt overgedragen tijdens een satsang. Ik ontken dat niet. Misschien treedt die transmissie voor sommigen op. Maar ja, eindeloos satsangs bezoeken, dat kan toch wat verslavende trekjes krijgen. De leraar lijkt hier wel wat op de dealer die goed ‘waar’ levert. In veel gevallen gaat het niet meer over transmissie en is het alleen maar een verslavende zoektocht.

Laat ik voorop stellen dat ik helemaal niets tegen satsang heb. Ik ben niet op oorlogspad of zo. Satsang is wel degelijk waardevol. Maar ik wil benadrukken dat (zelf)onderzoek door gebruik te maken van bruikbare ‘tools’ van essentieel belang is, wil je niet vervallen in de eindeloze tredmolen, die van satsang- naar satsangbezoek gaat. Goede spirituele leraren zullen hetzelfde zeggen, zelfs diegenen die zelf regelmatig satsang geven.

Op het Kiloby Center maken we absoluut geen onderscheid tussen een verslaving aan drugs of alcohol of een verslaving aan spiritueel zoeken of satsangbezoek. Ze hebben vele overeenkomstige elementen: het willen vermijden van of ontsnappen aan het verleden of onprettige gedachten en gevoelens die hier-en-nu opkomen, doorgaan met ‘gebruiken’ terwijl je herkent dat na een high, een low volgt, in de overtuiging dat er iets (een drug) of iemand (een spiritueel leraar) buiten jezelf is die de antwoorden heeft op al je (levens)pijn en bepaalde gemoedstoestanden en ervaringen najagen in plaats van ze vrijelijk te laten komen en gaan.

Ben je een satsang-leraar of een regelmatige satsang-bezoeker en triggert deze tekst je? Dan heb je waarschijnlijk iets om naar te kijken. Wat ik hier zeg is niet bedoeld om wie dan ook bewust te kwetsen. Geen trigger. Mijn lichaam is volkomen kalm en rustig terwijl ik dit schrijf. Deze tekst drukt eerder uit hoezeer ik compassie voel voor die mensen die telkens maar op zoek gaan naar iets buiten henzelf wat niet buiten henzelf gevonden kan worden. Ik zou precies hetzelfde zeggen tegen de drugsdealer die maar doorgaat zijn ‘waar’ aan de man te brengen en tegen de verslaafden die maar blijven terugkomen bij hun dealers. Let wel: ik zeg niet dat alle (spirituele) leraren ‘drugsdealers’ zijn of dat alle zoekers ‘verslaafden’ zijn. Het is vooral bedoeld als metafoor. Er zijn vele geweldige leraren die het belang van zelfonderzoek benadrukken. En er zijn zoekers die veel zelfonderzoek doen. Maar als deze tekst je van streek maakt, is de kans groot dat er een kern van waarheid in zit. Dus misschien loont het de moeite er eens naar te kijken. Nogmaals, onderzoek, zelf.

Dit blog verscheen eerder op de oude Living Inquiries-website