Home » Blog » Living Inquiries

Tag: Living Inquiries

Uit de patstelling van pesten; een stappenplan voor alle betrokkenen

Door Hanneke Geraeds-de Vries.

Pesten is een groot maatschappelijk probleem. Onder jongeren komt pesten het meest voor op school, maar ook digitaal pesten vindt steeds vaker plaats (NJI, 2016, 2017). Ook volwassenen worden gepest; op het werk (FNV, 2018), in de buurt of in het verzorgingstehuis (Rickandie, 2011). De gevolgen van pesten kunnen zeer ernstig zijn, zowel op korte als op lange termijn (Kolstein, 2006; Reijntjes, 2010) en voor alle betrokkenen (Goossens, 2012, p. 30; Nishina, 2005). Het in dit artikel beschreven zevenstappenplan op basis van de Living Inquiries (Scott Kiloby) laat zien welke stappen jij kunt nemen als je last hebt van pesten.

De huidig aanpak op scholen richt zich vooral op het inzetten van gedragscodes, sociale vaardigheidstrainingen, extra surveillance, disciplinerende maat- regelen en cognitieve gedragstherapeutische benaderingen (Goossens, 2012, pp. 145-220; Yabko, 2013, p. 3). Met andere woorden: zorg dat je het juiste gedrag vertoont anders word je gestraft, ofwel door de leerkracht ofwel door de pestkop.

Betrokkenen bij een pestsituatie weten wel wat ze zouden moeten doen en willen het ook, maar lijken bij een confrontatie telkens weer te vervallen in reflexmatige reacties en gewoontes (Yabko, 2013). De huidige aanpak lijkt de betrokkenen onvoldoende handvatten te bieden om dit te veranderen (Androu, 2007).

Weet jij wel wat je zou moeten doen als je met pesten geconfronteerd wordt, maar reageer je altijd op dezelfde, niet-helpende manier? Dan kan dit zevenstappenplan behulpzaam zijn; of je nu gepest wordt, pest, meeloopt met de pester, een omstander bent, ouder bent of broer of zus, in vertrouwen genomen bent of de verantwoordelijkheid hebt over de groep waarin gepest wordt.

Als je handelt vanuit welbevinden, ook wel natuurlijke rust (Kiloby) of mindfulness (Kabat-Zinn, 2005), dan volgt de juiste actie op een natuurlijke manier en in harmonie met jezelf en met je omgeving (Dameron, 2015; Garofolo, 2012; Schonert-Reichl, 2015). De Living Inquiries van Scott Kiloby vormen een (zelf)onderzoeksmethode waarop het zevenstappenplan uit dit artikel gebaseerd is.


Last
Wie je ook bent, hoe je situatie ook is en welke rol je ook in de pestsituatie hebt, de last die jij ervaart bestaat uit wat je voelt en denkt. Dat wat je voelt zijn fysieke sensaties. Dat wat je denkt zijn woorden of beelden. Ga maar na. Denk eens terug aan een keer dat je last had van pesten. Zie je de situatie voor je? Misschien zijn er ook nog woorden die je hoort in je gedachten? Ontdek de fysieke sensatie(s) die gepaard gaan met deze beelden en/ of woorden. Voel je dat de fysieke sensatie opkomt zodra je aan die situatie denkt? Het lijkt of het gevoel vastgeklit zit aan de gedachten. Scott Kiloby noemt dit het ‘Velcro-effect’ (letterlijk: het klittenbandeffect): woorden (zwarte Bunchems), beelden (groene Bunchems) en/of fysieke sensaties (rode Bunchems) (Zie foto hierboven). Het aan elkaar klitten van deze elementen maakt dat je het als last ervaart. Om van de last af te komen is het dus zaak om dit kliteffect ongedaan te maken door elk onderdeeltje apart: 1. vast te pakken, 2. te isoleren van de rest en 3. het te laten verdwijnen, zodat het niet opnieuw gaat klitten.


Zevenstappenplan

Stap 1. Waar heb ik last van?
Wanneer had je voor het laatst last van pesten? Hoe verschijnt dat nu aan je: zijn het woorden, beelden of fysieke sensaties, of een combinatie (kliteffect)? Het is mogelijk om op een voor jou geschikt moment aan de last te werken. Je bent dus niet per se aangewezen op het moment van de confrontatie zelf.

Stap 2. Wat vraagt nu de meeste aandacht?
Als fysieke sensaties de boventoon voeren ga je na waar je precies de fysieke sensatie in je lichaam voelt. Voel je het op een plek, of op meerdere plekken? Als het er meerdere zijn, voel dan welke het meest om aandacht vraagt. Zijn ze gelijkwaardig, neem ze dan samen als uitgangspunt. Kun je niet meteen aanwijzen waar in je lichaam je het voelt, vraag je dan af of je het over je hele lichaam voelt. Zo ja, dan neem je deze fysieke sensatie als uitgangspunt. Zo nee, scan dan je lichaam al voelend van je hoofd langzaam naar beneden, net zo lang totdat je de fysieke sensatie tegenkomt. Zodra je de fysieke sensatie gelokaliseerd hebt, geef je er een cijfer aan tussen de 0 en de 10. 0 Betekent dat je helemaal niets voelt, 10 dat het bijna niet te hebben is. Schrijf het eventueel op. Zo kun je bijhouden of de fysieke sensatie verbetert en verdwijnt.

Stap 3. Rust er natuurlijk mee

1. Vastpakken
Vervolgens raak je de fysieke sensatie als het ware van binnen aan: Voelt de fysieke sensatie hard of zacht? Voelt het geconcentreerd op een plek of verspreid over een groter gebied? Voel je het continu of wordt het onderbroken? Voelt het warm of koud? Wat valt je nog meer op aan deze fysieke sensatie? Verzeker jezelf ervan dat je steeds alleen maar blijft voelen. Soms verschijnen er heel subtiel beelden bij, bijvoorbeeld van de locatie van het gevoel. Is dit het geval, bekijk het beeld even en ga dan weer van kijken naar voelen. Eventueel kun je het tekenen of ergens noteren voor een later zelfonderzoek.
Als er zich beelden aan je opdringen ga je na of het beeld stilstaand is, zoals bij een foto. Of bewegen ze als in een film? Al naar gelang wat er verschijnt, kijk je ernaar alsof je naar een foto of een fotocollage kijkt aan de muur of een film in de bioscoop of op televisie: merk de verschillende kleuren en de verschillende vormen op.
Zie je woorden, ga dan met je aandacht naar de letters. Zijn ze getypt of handgeschreven? Zijn het blokletters of niet? Hoor je woorden? Luister dan aandachtig of ze hard of zachtjes klinken. Wat is de toon waarop het gezegd wordt (vriendelijk, gemeen)? Is de toonhoogte hoog of laag? Wiens stem is het eigenlijk?

2. Isoleren
Tast al voelend, kijkend of luisterend de grens af van de fysieke sensatie, beelden of woorden. Waar beginnen ze, waar eindigen ze? Zijn er ook tussengrenzen?
Merk de verschillen op tussen het voelen van de fysieke sensatie en hoe het daarbuiten voelt; tussen wat je ziet als je naar het beeld of letter kijkt en daarbuiten; tussen het horen van woord(en) en ze niet meer horen.


Stap 4. Gaat het weg?

3. Verdwijnen
Bekijk, beluister of bevoel het en volg wat ermee gebeurt. Het is heel belangrijk dat je alleen maar volgt. Soms willen we dat iets weggaat of dat het verandert, en soms juist dat het blijft. Als dit gebeurt, merk dan op dat dit ook weer gedachten zijn; woorden en/of beelden dus. Neem ze waar en verplaats dan je aandacht weer terug naar datgene waar je mee bezig was, voordat deze extra woorden en/of beelden opdoken.
Benader het alsof je het voor de eerste keer ontdekt. En misschien is het ook de eerste keer dat je het op zo’n manier de volle aandacht geeft. De kans is groot dat er dan ook echt wat te ontdekken valt. Je doet er dus niks mee, alleen maar kijken, luisteren of voelen. Wat gebeurt er? Verdwijnt het? Zo ja, ga dan terug naar stap 1 en check of er nu nog iets is waar je last van hebt. Zo ja, doorloop hiermee dan het proces opnieuw.
Verdwijnt het niet, ga dan naar stap 5.


Stap 5. Verandert het?
Als het verandert, dan zijn er andere fysieke sensaties, woorden of beelden die we moeten isoleren. Ga weer naar stap 2 en onderzoek deze verandering.
Is dit niet het geval, ga dan verder bij stap 6.


Stap 6. Is het eng?
Is het eng of vormt het een dreiging? Dan zijn er andere fysieke sensaties, woorden of beelden die we moeten isoleren. Ga weer naar stap 2 en onderzoek deze dreiging.
Zo nee, ga dan verder bij stap 7.


Stap 7. Laat het me iets doen?
Check of je de neiging hebt om iets te gaan doen of juist iets te laten.
Zo nee, ga dan weer naar stap 2 en onderzoek datgene dat nu om aandacht vraagt.
Is dat wel het geval, onderzoek dan waar die neiging nu precies vandaan komt en diep dit antwoord uit door weer naar stap 2 te gaan.

Door op deze manier de drie onderdelen van de last volledige aandacht te geven, er op een natuurlijke manier mee te rusten, vermindert deze last. De klittenbal raakt ontklit. Als je de volgende keer in een vergelijkbare pestsituatie komt, word je er minder of niet meer door gehinderd. Concreet betekent dit dat je minder of niet meer automatisch overgaat tot het oude, onwenselijke gedragspatroon, dat niet helpend is in de pestsituatie.
Het uitblijven van dit reflexmatige gedragspatroon biedt ruimte voor creatieve mogelijkheden en oplossingen. Je ervaart dan meer keuzevrijheid. Misschien maak je gebruik van de aangeleerde gedragsregels. Misschien ontstaat er wel een uniek en creatief antwoord op de pestsituatie dat door zijn originaliteit veel meer indruk maakt en mogelijk anderen inspireert.


Voordeel
Zolang er op een dieper niveau een klittenbal van woorden, beelden en fysieke sensaties aan blijft zetten tot reflex- en patroonmatig gedrag, is elke gevraagde gedragsverandering een brug te ver (Nie, 2016) (nl.wikipedia.org/wiki/Amygdala, n.d.). Het zevenstappenmodel gebaseerd op de Living Inquiries maakt dit kliteffect ongedaan. De betrokkenen in een pestsituatie kunnen zich dan weer vrij bewegen, denken en uiten. Zo zijn ze wel in staat het geleerde toe te passen of zelfs met een creatieve, mooiere oplossing te komen.


Nadeel
Het is in het begin onwennig en het vraagt een zekere moed om aan te kijken en te voelen wat je een groot deel van je leven uit de weg bent gegaan. Je kunt het vergelijken met een spier die nog getraind moet worden. Het kan saai lijken en kost tijd. Maar ditzelfde kan gezegd worden van het trainen voor een marathon.


Conclusie
Blijven doen wat onvoldoende werkt is geen optie zolang de gevolgen van pesten zo ernstig zijn. Laten we ieder onze eigen verantwoordelijkheid nemen, als gepeste, pester, meeloper, omstander, gezinslid, vertrouwenspersoon of groepsverantwoordelijke. Vergeet niet dat wijzelf last hebben van de situatie. Wij zijn zelf de enigen die aan deze last, en dus ons eigen welzijn, kunnen werken. Als we dan weer in een pestsituatie terechtkomen, kunnen wij vrij op onze unieke en eigen manier wel tot adequate actie komen (Napoli, 2005; Wisner, 2010). We hebben geen last meer en het pesten is aangepakt: een winwinsituatie.

Hanneke Geraeds-de Vries is zelfstandig gevestigd, en werkt als facilitator Living Inquiries en (stress)coach. Met behulp van de Living Inquiries biedt zij begeleiding aan cliënten, zowel volwassenen als kinderen, die gebukt gaan onder stress of last hebben van pesten.  Voor meer info zie: www.Stress2Balance.nl.

Pesten; gefaciliteerd door Scott Kiloby

Door Scott Kiloby; vertaald door Hanneke Geraeds-de Vries.  

Werner:
Ik word zo’n beetje elke dag gepest op mijn werk. Ik sta op het punt om er gewoon mee te kappen. Ik kan het niet meer aan. In mijn fantasie zag ik mezelf zelfs geweldadig worden op een dag: ik kwam aan op mijn werk en zette ze even allemaal op hun plaats.

Scott:
Kan je werkgever iets doen om dit pesten aan te pakken?

Werner:
Mijn directe leidinggevende pest me ook, samen met mijn collega’s. Ze praten allemaal over mij achter mijn rug om en ze maken me belachelijk waar ik bij sta; ze zeggen bijvoorbeeld: “Werner de trage leerling”; omdat ik veel vragen stel tijdens vergaderingen.

Scott:
Stel je een cirkel voor met jezelf in het midden. Om je heen zit iedereen van je werk die je pest. Gebruik ze als een soort spiegel: als je zo naar deze mensen kijkt, hoe denk je dan over jezelf?

Werner:
Ik begin te geloven dat ik ben waar ze me voor uitschelden.

Scott:
Wil je me een paar van die andere scheldwoorden noemen?

Werner:
Het ergste is “rotkop”, omdat ik lelijk ben.

Scott:
Ik zie dat dit is wat zij je noemen. Hoe zie je jezelf? Benoem het. Als je deze gedachten bij jezelf waarneemt, wat vertellen ze je over wat jij denkt wie je echt bent?

Werner:
Een sukkel die niet goed genoeg is.

Scott:
Ik weet dat dit is wat je gedachten je vertellen, maar als je echt een sukkel bent die niet goed genoeg is, dan moeten we die toch kunnen vinden, niet?

Werner:
Ja.

Scott:
Laten we eens proberen om jou te vinden.

Werner:
Oké…

Scott:
Ga maar lekker zitten op je stoel en ontspan je. Haal een paar keer diep adem. Merk dan op dat er in je hoofd gedachten opkomen en weer verdwijnen.

Werner:
Ik zie het.

Scott:
Kijk eens naar de woorden “een sukkel die niet goed genoeg is” en kijk er rechtstreeks naar, zonder er andere woorden aan toe te voegen. Misschien helpt het om je deze woorden voor te stellen in een fotolijstje in je verbeelding. Ben jij deze woorden?

Werner:
Zeker weten.

Scott:
Wat voel je in je lichaam als je gelooft dat jij deze woorden bent?

Werner:
Heel verdrietig.

Scott:
Oké. Stel je de woorden “ik ben heel verdrietig” voor in een fotolijstje in je verbeelding. Ben jij deze woorden; jij, de sukkel die niet goed genoeg is?

Werner:
Ja, al die woorden voelen als mij. Ze komen te dicht bij, begrijp je? Ik kan ze niet zien als alleen maar woorden.

Scott:
Oké. Neem deze pen en dit papier en schrijf de woorden op “Ik ben een sukkel die niet goed genoeg is.”

Werner:
[schrijft de woorden op] Oké.

Scott:
Kijk nu rechtstreeks naar deze woorden op papier. Ben jij deze woorden?

Werner:
Ik ervaar nu ietsje meer afstand als ik ze zo op papier zie staan. Maar ik moet toch “ja” zeggen omdat ik verdriet in me op voel komen als ik ze lees.

Scott:
Kun je dat in je lichaam voelen, als een wolk van energie als het ware? Denk er niet over na. Gewoon voelen.

Werner:
Ja.

Scott:
Ben jij die energie; jij, de sukkel die niet goed genoeg is?

Werner:
Het is alleen maar een ongemakkelijk gevoel.

Scott:
Schrijf die woorden op: “Het is alleen maar een ongemakkelijk gevoel.” Ben jij deze woorden op papier; jij, de sukkel die niet goed genoeg is?

Werner:
Als ik naar die woorden op papier kijk, dan moet ik zeggen: “nee”.

Scott:
Oké. Ga nu voorzichtig met je aandacht naar de fysieke sensatie van het gevoel, zonder er woorden aan te geven. Neem je tijd. Ontspan in dat gewaarzijn. Is dat gevoel, die fysieke sensatie op zich, de sukkel die niet goed genoeg is?

Werner:
Ja, dat lijkt zo.

Scott:
Schrijf die woorden op “Ja, dat lijkt zo.” Ben jij deze woorden?

Werner:
Nee.

Scott:
Ervaar die fysieke sensatie nu weer, zonder er zelfs deze woorden aan te geven. Ben jij dit gevoel, deze fysieke sensatie? Druk het gevoel niet weg, maar raak het als het ware zachtjes aan met je innerlijke tastzin. Voel de fysieke sensatie van binnenuit, zonder ideeën erover.

Werner:
Nee, dat ben ik niet; ik, de sukkel.

Scott:
Haal je nu een beeld voor ogen, een herinnering, van een keer dat je pas geleden gepest werd op het werk. Zie je dat voor je?

Werner:
Ja.

Scott:
Ontspan en kijk rechtstreeks naar dit beeld. Ben jij dat? Het antwoord is “ja” als je lichaam op de een of andere manier erop reageert. Het is “nee” als je lichaam niet reageert.

Werner:
Ja; onmiddellijke boosheid.

Scott:
Schrijf die woorden op: “onmiddellijke boosheid”. Ben jij deze woorden; jij, de sukkel die niet goed genoeg is?

Werner:
[zit even in stilte] Nee … ha ha! Het is alleen maar energie die eigenlijk best aangenaam is als ik die er gewoon laat zijn zoals die is.

Scott:
Kijk nu nog eens terug naar dat beeld van toen je gepest werd op je werk. Ben jij dat beeld?

Werner:
Ik weet het niet. Het heeft nog steeds wat lading.

Scott:
Oké. Het enige wat je hoeft te doen als er lading op zit, is “ja” zeggen.

Werner:
Ja.

Scott:
Als woorden of beelden voelen als jou, de sukkel die niet goed genoeg is, dan betekent dit dat het lijkt alsof de woorden of beelden vastzitten aan emoties of fysieke sensaties. Dat is het Velcro-effect. Weet je wat Velcro is?

Werner:
Ja, ik heb Velcro [Velcro is klittenband.] op mijn halterbank thuis. Ik gebruik het om mijn handen vast te klitten aan de halter. Ja, ik zie het Velcro-effect tussen mijn gedachten en emoties.

Scott:
Door dat Velcro-effect treedt er zelfidentificatie op. Zie je dat?

Werner:
Ja.

Scott:
Lijkt het alsof het mentale beeld van gepest worden vastzit aan het gevoel van boosheid?

Werner:
Ja.

Scott:
Soms, als het Velcro-effect optreedt, is er een subtiel, mentaal beeld van een gedeelte van het lichaam of van een of andere vorm rond dit gevoel. Zie je zo’n beeld?

Werner:
Ja. Ik zie een bundel stalen staven bij het gevoel.

Scott:
Ontspan en kijk rechtstreeks naar die mentale foto van stalen staven. Ben jij dat beeld; jij, de sukkel die niet goed genoeg is?

Werner:
Hmmm… Ik weet het niet… nee, nu ik weer kijk, vervaagt die kleine jongen ook. Maar de woorden “je doet ook niets goed” komen op.

Scott:
Kijk rechtstreeks naar deze woorden. Ben jij deze woorden zelf; jij, de sukkel die niet goed genoeg is?

Werner:
Nee, het zijn gewoon woorden. Als ik er rechtstreeks naar kijk, zonder er meer woorden aan te geven, vervagen ze en de lading in mijn lichaam is ook vervaagd.

Scott:
Hoe zit het met het woord “rotkop”?

Werner:
Dat lijkt op mij te slaan. Ik voel weer verdriet.

Scott:
Blijf dit even voelen. Laat de energie er zijn zonder het te proberen te begrijpen of er een etiketje aan te geven. Stel jezelf dan de vraag of jij deze energie bent; jij, de lelijke sukkel. Neem de tijd.

Werner:
Nee, het is gewoon energie. Het voelt zo gezond om deze gevoelens op een natuurlijke manier te laten stromen!

Scott:
Kijk nog eens naar het woord “rotkop”. Ben jij dat woord op zich; jij, de sukkel die niet goed genoeg is?

Werner:
Alleen dat woord? Nee. Wauw, dit is interessant. Ik zie dit alles zo voor me oplossen.

Scott:
Hoe zit het met de woorden “Werner is een trage leerling”?

Werner:
Nee, ik ben die woorden niet. Ze lijken een of ander dom rijmpje. Eigenlijk best grappig nu.

Scott:
Als je je ontspant in gewaarzijn, kun je dan de sukkel vinden die niet goed genoeg is?

Werner:
[lachend] Nee, ik voel me alsof er een last van mijn schouders gevallen is. Ik voel me vrij. Maar… op de een of andere manier voelt het alsof de sukkel er nog steeds is, verborgen in de schaduw.

Scott:
Kijk naar de woorden “De sukkel is er nog steeds, verborgen in de schaduw.” Ben jij deze woorden op zich; jij, de sukkel?

Werner:
Nee.

Scott:
Zie je een of ander beeld van een sukkel die zich ergens verbergt in de schaduw?

Werner:
Ja. Ik zie een beeld waarin hij om de hoek kijkt, wachtend tot jij klaar bent, zodat hij weer tevoorschijn kan komen.

Scott:
Kijk naar die woorden. Ben jij deze woorden; jij, de sukkel die niet goed genoeg is?

Werner:
Nee, de woorden zijn niet de sukkel.

Scott:
Kijk naar dat beeld waarin die figuur om de hoek kijkt; maar kijk zonder woorden, welke dan ook. Ben jij dat beeld; jij, de sukkel die niet goed genoeg is?

Werner:
Nee. Het vervaagt nu…

Scott:
Kijk naar een beeld in de toekomst. Zie hoe je op je werk komt en gewelddadig bent naar al die mensen. Ben jij dat beeld? Ontspan en kijk rechtstreeks naar dat beeld. Neem alle tijd die je nodig hebt.

Werner:
Ha, nee. Dat is niet eens interessant nu. Dat is niet de sukkel.

Scott:
Blijf even rustig zitten, terwijl je gewaar bent. Je laat alles zoals het is. Of er nu wel of geen gedachten zijn, wel of geen gevoelens, kun je de sukkel vinden die niet goed genoeg is?

Werner:
[lachend] Nee! Het is verbazingwekkend hoe lang dat verhaal er geweest is. Ik geloofde het helemaal.

Scott:
Scan nu de cirkel van pestkoppen. Komt het gevoel dat jij een sukkel bent, die niet goed genoeg is, in je op?

Werner:
Nee. Eigenlijk is het gewoon een stelletje mannen op middelbare leeftijd.

Scott:
Zie je hoe je onmiddellijke vrijheid ervaarde, doordat je naar de wortel ging en op zoek ging naar het ontoereikende zelf?

Werner:
Absoluut!

Scott:
We blijven onszelf alleen maar zien als ontoereikend, zolang we niet goed kijken. We denken over onszelf in plaats van op zoek te gaan naar dat zelf.

Werner:
Ja, dat is me nu helemaal duidelijk. Ik richtte me vooral op hen, waardoor ik niet zag wat ik over mezelf geloofde. Van nu af aan, ga ik op zoek naar dat zelf in plaats van dit verhaal te geloven.

Uit Scott’s boek: “The Unfindable Inquiry: One Simple Tool to Overcome Feelings of Unworthiness and Find Inner Peace” 

The Unfindable Inquiry is als paperback of als e-book verkrijgbaar bij bol.com

Ik dacht dat ik dat was

Door Fiona Robertson, vertaald door Pleun Vermaas.

Ik kom in stilte en ontspan

Mijn adem stokt een beetje, alleen bij aanvang

Als verlangens, noden, angsten, mitsen en maren

(Ik dacht dat ik dat was)

Me van binnenuit opjagen

Zoals een nestje kittens miauwt om aandacht

 

Vanuit deze stille plek

Hoor ik ze zacht snikken

En ik knik ze vriendelijk toe, een voor een, in het voorbijgaan

 

Omdat hoe bazig ze ook mogen klinken

Ik weet ze willen de baas alleen maar spelen

Afkicken van satsang is soms nodig

Door Scott Kiloby, vertaald door Pleun Vermaas.

Dat ik me op het Kiloby Center vooral ben gaan richten op het gebied van verslavingszorg is geen toeval. Ik wilde weg uit het satsangwereldje, dat was een van de redenen. Op zichzelf is dat circuit niet verkeerd of schadelijk. Maar ik herinner me de vele telefoontjes, sms-jes en e-mails van spirituele zoekers die net een week of weekend satsang met een leraar hadden gehad. Ze vertelden me dat ze het zo geweldig hadden gehad, dat ze daadwerkelijk ‘vrede hadden gevonden’, of zoiets. Maar die dinsdag of woensdag de week daarop veranderden die berichten rap: “Het is weer helemaal mis met me. Wat moet ik nu doen?!”. En dan antwoordde ik: “Onderzoek dat nou eens. Gebruik de dingen die je op satsang hebt geleerd. Ontwaken is bovenal een interne aangelegenheid. Als je denkt dat je met een bezoek aan een satsang opeens ‘ontwaakt’ bent en nooit meer zal lijden wanneer je terugkeert in je dagelijks leven en routine, dan kom je van een koude kermis thuis. Het zou net zoiets zijn als dat je naar een drugsdealer gaat en het hem kwalijk neemt dat je (tijdelijke) roes voorbij gaat.” Maar in plaats van echt zelfonderzoek te doen, boekt men meestal de eerst mogelijke volgende satsangbijeenkomst en verwacht dat de euforie of innerlijke rust weer vanzelf tot hen komt. Soms houdt dit inderdaad een paar dagen of misschien een paar weken aan, om vervolgens weer te vervallen in de gebruikelijke ellende.

Goed ik geef toe, ik ben wat vooringenomen. Toen ik zoekende was heb ik niet één keer een satsang bezocht. Oké, ik heb er wel een of twee DVD’s over bekeken, maar verder niet. Ik pikte er een paar waardevolle ‘tools’ uit, verliet het satsangwereldje en begon met een grondig zelfonderzoek. Dat maakte voor mij het verschil. Als ik met spirituele zoekers praat die ‘helemaal into satsang’ zijn, dan zeggen ze dat ze de ‘transmissie’ zo waardevol vinden. Dat is de reden om steeds weer een satsang te bezoeken. Het idee achter die transmissie is dat er een bepaalde herkenning van leraar op student wordt overgedragen tijdens een satsang. Ik ontken dat niet. Misschien treedt die transmissie voor sommigen op. Maar ja, eindeloos satsangs bezoeken, dat kan toch wat verslavende trekjes krijgen. De leraar lijkt hier wel wat op de dealer die goed ‘waar’ levert. In veel gevallen gaat het niet meer over transmissie en is het alleen maar een verslavende zoektocht.

Laat ik voorop stellen dat ik helemaal niets tegen satsang heb. Ik ben niet op oorlogspad of zo. Satsang is wel degelijk waardevol. Maar ik wil benadrukken dat (zelf)onderzoek door gebruik te maken van bruikbare ‘tools’ van essentieel belang is, wil je niet vervallen in de eindeloze tredmolen, die van satsang- naar satsangbezoek gaat. Goede spirituele leraren zullen hetzelfde zeggen, zelfs diegenen die zelf regelmatig satsang geven.

Op het Kiloby Center maken we absoluut geen onderscheid tussen een verslaving aan drugs of alcohol of een verslaving aan spiritueel zoeken of satsangbezoek. Ze hebben vele overeenkomstige elementen: het willen vermijden van of ontsnappen aan het verleden of onprettige gedachten en gevoelens die hier-en-nu opkomen, doorgaan met ‘gebruiken’ terwijl je herkent dat na een high, een low volgt, in de overtuiging dat er iets (een drug) of iemand (een spiritueel leraar) buiten jezelf is die de antwoorden heeft op al je (levens)pijn en bepaalde gemoedstoestanden en ervaringen najagen in plaats van ze vrijelijk te laten komen en gaan.

Ben je een satsang-leraar of een regelmatige satsang-bezoeker en triggert deze tekst je? Dan heb je waarschijnlijk iets om naar te kijken. Wat ik hier zeg is niet bedoeld om wie dan ook bewust te kwetsen. Geen trigger. Mijn lichaam is volkomen kalm en rustig terwijl ik dit schrijf. Deze tekst drukt eerder uit hoezeer ik compassie voel voor die mensen die telkens maar op zoek gaan naar iets buiten henzelf wat niet buiten henzelf gevonden kan worden. Ik zou precies hetzelfde zeggen tegen de drugsdealer die maar doorgaat zijn ‘waar’ aan de man te brengen en tegen de verslaafden die maar blijven terugkomen bij hun dealers. Let wel: ik zeg niet dat alle (spirituele) leraren ‘drugsdealers’ zijn of dat alle zoekers ‘verslaafden’ zijn. Het is vooral bedoeld als metafoor. Er zijn vele geweldige leraren die het belang van zelfonderzoek benadrukken. En er zijn zoekers die veel zelfonderzoek doen. Maar als deze tekst je van streek maakt, is de kans groot dat er een kern van waarheid in zit. Dus misschien loont het de moeite er eens naar te kijken. Nogmaals, onderzoek, zelf.

Dit blog verscheen eerder op de oude Living Inquiries-website

Dialoog over de Living Inquiries – Alles wat je over dit werk wil weten

Door Scott Kiloby, vertaald door Hanneke Geraeds.


V: Scott, uiteindelijk wil ik je wat meer controversiële en diepgaande vragen stellen over je werk. Maar laten we beginnen bij de basis. Wat zijn de Living Inquiries?

Scott: Ze vormen een reeks hulpmiddelen die door andere facilitators en mij ontwikkeld zijn om overtuigingen, verhalen en identificaties die leed veroorzaken te onderzoeken. Ze zijn ontworpen om ons te helpen emoties en fysieke sensaties direct in het lichaam te voelen, zonder de laag van woorden en afbeeldingen (d.w.z. gedachten) die aan deze emoties en fysieke sensaties kleeft. De Living Inquiries maken wat ik “het Velcro-effect” (het klittenband-effect) noem ongedaan. Het Velcro-effect is de ervaring dat gedachten vastzitten aan emoties of fysieke sensaties.

Er zijn drie belangrijke inquiries: de Unfindable (onvindbare) Inquiry (UI), de Anxiety (angst) Inquiry (AI) en de Compulsion (drang) Inquiry (CI). Ik heb eerst de Unfindable Inquiry ontwikkeld. De Compulsion Inquiry werd later gezamenlijk gemaakt door Colette Kelso en mij. De Anxiety Inquiry is voornamelijk door Fiona Robertson ontwikkeld, met enige hulp van Colette en mij in het begin. Maar vrijwel alle facilitators, vooral de Senior Facilitators, hebben geholpen bij de voortdurende ontwikkeling van dit werk. Het is echt een co-creatie in alle opzichten. Ga naar voor meer informatie over de Living Inquiries naar www.livinginquiries.com.


V: Kun je eens uitleggen hoe de Living Inquiries werken?

Scott: De Living Inquiries werken volgens een proces van iets te benoemen en vervolgens dat proberen te vinden. Je begint met te benoemen wat je zoekt. Je zou bijvoorbeeld kunnen zoeken naar het zelf of naar een meer specifieke versie van het zelf zoals: “de persoon die niet goed genoeg is.” Waar is die? Terwijl je rust als en kijkt vanuit gewaarzijn, breng je je aandacht naar woorden, beelden, emoties en fysieke sensaties (elementen) en onderzoek je ze allemaal afzonderlijk, één voor één. Als je bijvoorbeeld op zoek bent naar de persoon die niet goed genoeg is, dan stel je die vraag bij elk element. Laten we zeggen dat er een herinnering opkomt in de vorm van een plaatje. Je kijkt naar dat plaatje en vraagt: “Ben ik dit plaatje? Ik, diegene die niet goed genoeg is?”. In plaats van te antwoorden met je verstand, merk je op of er een emotie of een gevoel vastzit (of vast klit) aan het plaatje. Als dat het geval is, antwoord je: “Ja”. Als dat niet zo is, antwoord je: “Nee”.

Als er een ja is, ga je geleidelijk naar die emotie of fysieke sensatie toe en stel je dezelfde vraag bij die emotie of dat gevoel, terwijl je het voelt zonder het plaatje erop. “Ben ik deze emotie, op zichzelf? Ik, degene die niet goed genoeg is?”. Als je die emotie ervaart zonder woorden of plaatjes, antwoord je meestal: “Nee, dat ben ik niet”. Je blijft dan met de emotie rusten en laat hem zijn zoals die is. Als er woorden of afbeeldingen aan die emotie vastzitten, antwoord je: “Ja”. Daarna ga je langzaam naar elke reeks woorden en elke afbeelding, één voor één, met de vraag. Terwijl je door de verschillende woorden, afbeeldingen, emoties en fysieke sensaties loopt, merk je vaak dat je die persoon niet kunt vinden. Bij het niet vinden, is er een ontspanning of laten gaan van identificatie met dat verhaal. Van belang is het om bij kijken en voelen te blijven, het proberen te vinden waar je ook maar kijkt, naar wat er dan ook maar opkomt. Een ander belangrijk punt is om je ervaring te vertragen en alles in slow motion echt te onderzoeken. Als je te snel door de inquiry wil gaan, kan dat leiden tot het overslaan van belangrijke elementen die nog steeds leed blijven veroorzaken (ook wel bypassing genoemd).

Voor een demonstratie van de Unfindable Inquiry kun je deze videos op YouTube bekijken:

dit is een demonstratie van hoe ik de UI op mijzelf toepas, op zoek naar het afgescheiden zelf:

en hier faciliteer ik iemand anders met de UI:

De video “De Living Inquiries begrijpen voordat je inquiry gaat doen” is meer een duidelijke uitleg dan een demonstratie:

Misschien is de beste bron om te begrijpen hoe de UI werkt, mijn boek ‘The Unfindable Inquiry’, dat in 2016 wordt uitgebracht (Engelstalig). Mocht je niet kunnen wachten tot dat boek uitgegeven wordt, dan bevat het boek ‘Living Relationship’ ook grondige instructies. Het is verkrijgbaar via: www.amazon.com. (Opmerking: dit is een herpublicatie; het boek ‘Living Relationship’ is niet langer te verkrijgen via Amazon)


V: Werken de Compulsion en Anxiety Inquiries op eenzelfde manier?

Scott: Ja, die inquiries zijn specifieke aanpassingen van de Unfindable Inquiry. Met de Compulsion Inquiry is het object dat je zoekt een drang, verlangen of commando om iets dwangmatig te doen. De CI kan niet alleen gebruikt worden voor verslavingen, maar ook voor elke dwangmatige aandrang, bijvoorbeeld de wens om je ervaring te veranderen of zelfs de drang om gelijk te hebben. Met de Anxiety Inquiry is het object dat je zoekt de dreiging, het gevaar of de aanval die ten grondslag ligt aan je zorgen of angst. De CI en AI werken op dezelfde manier als de UI, met het enige verschil dat je op zoek bent naar een van die specifieke objecten in plaats van naar het zelf te zoeken. Als je deze drie inquiries eenmaal goed onder de knie hebt, kun je ze in elkaar weven, wat erg krachtig is.

Fiona heeft een aantal goede video’s waarin ze uitlegt hoe de AI werkt:

Een introductie van de Anxiety Inquiry:

En hoe faciliteer ik mezelf met de Anxiety Inquiry?

Fiona en ik zijn ook bezig met een boek over angst. Hierin zullen specifieke instructies komen te staan voor de AI (wordt uitgegeven in 2016) (Opmerking: dit blog is opnieuw gepubliceerd, je kunt Fiona’s boek “The Art of Finding Yourself” vinden door hier te klikken. (Engelstalig)). Van de CI is nog geen demonstratievideo. Wel kun je specifieke instructies vinden in mijn boek: “Natural Rest for Addiction” (Engelstalig): bezoek www.amazon.com.


V: Hoe weet je waar je naar op zoek moet gaan bij de UI – hoe benoem je datgene?

Scott: Vertrouw op je eigen ervaring. Wie denk je dat je bent? Welke identiteit beklijft vooral; voelt als heel echt of waar – of maakt dat je last hebt? Tekort-verklaringen zoals “Ik ben ontoereikend”, “Ik ben niet aimabel” of “Ik ben onveilig” zijn populaire identiteiten om naar op zoek te gaan met de UI. Als je problemen hebt om te benoemen waar je naar op zoek bent, gebruik dan de Boomerang of Panorama Inquiry (naamgevingshulpmiddelen) om te helpen. Uitleg van deze tools is te vinden in het komende boek ‘The Unfindable Inquiry’ en ook in het boek ‘Living Relationship’. In wezen vraag je je met deze naamgevingshulpmiddelen af wat andere mensen of dingen je vertellen over wie je bent zijn. Als mijn vader me bijvoorbeeld triggert, zou ik kunnen vragen: “Welke identiteit reflecteert hij naar me terug?” Misschien is het antwoord: “Ik ben hulpeloos.” Zodra ik het heb benoemd, kan ik de UI voor die identiteit gebruiken . Deze naamgevingsinstrumenten werken in de spiegel van een relatie en helpen echt om de oorzaak van het lijden te verlichten. Het lijkt erop dat iemand of iets buiten mezelf de bron van de pijn is. Maar vrij vaak, is de andere persoon slechts bezig met het teweegbrengen van een bepaalde identiteit die bewusteloos is totdat ik het de juiste naam geef en probeer het dan te vinden. De UI is niet beperkt tot het zoeken naar tekortkomingen. Je zou naar alles kunnen zoeken, zoals een tafel, een slechte dag, kanker of iets anders.


V: Is het doel van deze Inquiries dan om in te zien dat je niets kunt vinden, waar je dan ook maar naar op zoek gaat?

Scott: Ja en nee. Het belangrijkste doel van de Inquiries is om ons in staat te stellen onbewuste gedachten, gevoelens en fysieke sensaties die lijden veroorzaken in het licht van bewustzijn te brengen en er dan mee te rusten en ze te laten zijn zoals ze zijn. Deze gedachten, emoties en fysieke sensaties vallen vaak vanzelf weg door er alleen maar mee te rusten en ernaar te kijken en ze te voelen. Op deze manier bieden de Inquiries een natuurlijke en volledige acceptatie van onze hele ervaring. Transformatie voltrekt zich dan vanzelf door dat rusten, kijken en toestaan. Het gebeurt ook door het zien van de onvindbaarheid van alles waarnaar je ook maar op zoek kunt gaan. Maar als mensen van onvindbaarheid het hoofddoel maken, om een eindpunt proberen te bereiken waar ze iets als onvindbaar beschouwen, zouden ze de prachtige kans kunnen mislopen die de Inquiries werkelijk bieden: de ervaring om alles te laten zijn zoals het is. In essentie helpen de Inquiries ons onze relatie met gedachten, emoties en fysieke sensaties te veranderen, zodat we ons niet langer verzetten tegen, proberen te veranderen, te vechten tegen en/of te vermijden wat er ook maar verschijnt. Bypassing wordt vrijwel onmogelijk als je eenmaal bedreven bent in dit soort inquiry ((zelf)onderzoek) doen.


V: Raad je aan dat mensen de Inquiries zelf toepassen, in hun eentje, of dat ze eerst met een facilitator werken?

Scott: Sommigen zullen in staat zijn om de Inquiries vakkundig te gebruiken door erover te lezen of er enkele video’s van te bekijken. Maar in de meeste gevallen stel ik voor dat mensen eerst met een facilitator werken. Een gecertificeerde facilitator is erin getraind om iemand de identiteiten en andere bronnen van leed te helpen ontdekken die grotendeels onbewust zijn en ze vervolgens voorzichtig door de Inquiries te leiden, zodat er geen bypassing optreedt. Als je eenmaal bedreven bent in zelf-facilitatie, kan het ongelooflijk bevrijdend zijn om de Inquiries alleen te doen. Het is alsof je een zwaard in je arsenaal hebt dat door het lijden snijdt als een heet mes door boter. Maar het sleutelwoord is vakkundigheid. Er zijn allerlei valkuilen waarin mensen kunnen vallen als ze niet eerst leren hoe ze deze methode op de juiste manier kunnen gebruiken. Daarom is het zo belangrijk om eerst met een facilitator te werken. Facilitators zijn te vinden op www.livinginquiries.com.


V: Ik weet dat je vele jaren privé-sessies hebt gedaan. Werk je nog steeds met mensen een-op-een of in groepen?

Scott: Ik werk alleen nog met cliënten op het Kiloby Centrum. Dat is een voltijdse baan. Ik werk niet meer online of in privé-sessies met mensen. Maar er zijn vele, vele zeer goede facilitators beschikbaar voor online werk of privé-sessies. Soms houd ik een retreat. Maar dat zijn er weinig en daar zit lange tijd tussen. Ik houd wekelijkse podcasts, RUF-talks genaamd. Ze zijn gratis. Je kunt ze beluisteren (in het Engels) via deze link: www.kiloby.com. (Opmerking: de wekelijkse podcasts zijn inmiddels gestopt, dit is een herpublicatie.)


V: Maar waarom zou je een methode hebben? Non-duale leraren zeggen vaak dat bevrijding niet bereikt kan worden met een methode en dat methodes juist nog meer het zoeken naar een betere toekomst aanwakkeren.

Scott: Sommige methodes doen dat inderdaad. Maar de Living Inquiries zijn ontworpen om de leegte van dat zoekende zelf te onthullen alsook het gezochte object of de gezochte toekomstige staat. Als je bijvoorbeeld echt zou zoeken naar degene die ‘niet verlicht’ is en zou zoeken naar wat je ook maar najaagt (bijvoorbeeld ‘verlichting’), zou je naar alle waarschijnlijkheid ontdekken dat deze dingen onvindbaar zijn. Je zou ontdekken dat er geen inherent zelf is en geen inherente verlichting. Dit laat het zoeken ontspannen en zorgt voor een diep rusten als het hier-en-nu-gewaarzijn en een natuurlijk toelaten van alles om te komen en gaan zonder identificatie met wat er dan ook maar verschijnt.


V: Met het risico te trekken aan een dood paard, wil ik bij dit punt blijven. Al die leraren die methodes schuwen kunnen het niet fout hebben. Creëert het idee om een methode te gebruiken niet een idee van een eindpunt dat je probeert te bereiken?

Scott: Dat heb ik hiervoor al beantwoord. Maar ik begrijp waar je vasthoudendheid aan deze vraag vandaan komt, dus wil ik dat eerbiedigen. Laat me er wat meer over vertellen. Als iemand de Inquiries gebruikt om te proberen er ergens mee te komen (en dat doen sommigen in het begin totdat ze het ware nut van dit werk ontdekken), dan mist diegene een cruciaal onderdeel. Ze missen de mogelijkheid om de identiteit van de zoeker en het ding dat gezocht wordt te onderzoeken. Je kunt alleen doorgaan met zoeken als de identiteit achter het zoeken en het gezochte niet wordt onderzocht. Nogmaals, het belangrijkste punt van de Inquiries is niet om het punt van onvindbaarheid te bereiken. Gaandeweg ga je inzien dat het gaat om rusten, kijken en voelen vanuit en als gewaarzijn en alles laten zijn zoals het is. Dat is waar verlichting echt om draait. Het feit dat je je ook kunt realiseren dat wat je ook maar zoekt onvindbaar is, is als een kers op de taart. De taart is het rusten, kijken, voelen en het er gewoon laten zijn. De vragen uit de Inquiries zijn bedoeld om een vriendelijker, grondiger en gerichter onderzoek te bewerkstelligen van de elementen die deel uitmaken van de last die we hebben. Ze zijn niet bedoeld om het proces onrustig of onnodig ingewikkeld te maken. Als ze vakkundig toegepast worden, maken de vragen het kijken en voelen veel gemakkelijker.


V: Maar staan die Inquiry-vragen niet juist in de weg? Waarom zou je niet gewoon alleen maar rusten en alles laten zijn zoals het is? Is dat niet genoeg?

Scott: Voordat de Inquiries ontwikkeld werden, sprak ik veel over de waarde van alleen maar rusten en alles laten zijn zoals het is. Ik doe het nog steeds, omdat rusten en alles laten zijn zoals het is de kern van de Inquiries vormt. Het probleem is dat het voor veel mensen gewoon niet diep genoeg gaat. Velen van ons voelen emoties niet rechtstreeks als fysieke sensaties zodra ze zich voordoen. Met rechtstreeks bedoel ik ze direct in gewaarzijn te voelen zonder de sluier van gedachten erover heen. De Inquiries zijn bedoeld om ons te helpen rechtstreeks te voelen en te rusten met wat er ook maar in het lichaam opkomt. Onze standaard modus is om ons te focussen op en ons te identificeren met het denken. Veel leraren concentreren te veel op alleen het kijken naar gedachten of rusten als gewaarzijn. Ze wijzen mensen er niet op hoe bewust in hun lichaam te zijn. Dit is een groot gemis omdat zoveel van ons leed in het lichaam opkomt. We voelen het verleden en de toekomst op een zeer viscerale manier. Als je naar je eigen ervaring kijkt, zul je merken dat je je vooral met het denken identificeert, als er een emotie of fysieke sensatie aan vast geklit zit. Hoe sterker de emotie of fysieke sensatie, hoe meer je gelooft in of je identificeert met de gedachten. De Inquiries helpen om dit klitten tussen gedachten en de bijbehorende emoties en fysieke sensaties ongedaan te maken. Ik heb gemerkt dat veel mensen die al decennialang betrokken zijn bij non-dualistische leringen nog steeds last hebben en op zoek zijn naar een toekomstige staat van zijn, vooral omdat ze nog niet de vaardigheid hebben ontwikkeld om de emoties en fysieke sensaties werkelijk op te laten komen en te laten verdwijnen (zoals ze uit zichzelf doen, noot vertaler) zonder gedachten erbij. Ze vragen zich af waarom ze nog steeds zoveel last hebben en nog steeds zoeken. Maar het is geen hogere wiskunde. Het is gewoon dat een groot deel van hun ervaring (het lichaam) onbewust blijft. De Inquiries helpen alles in het licht van bewustzijn te brengen. Ze laten geen steen onaangeroerd. Je kunt de Inquiries niet leren en ze vaardig gebruiken en tegelijkertijd last blijven hebben en blijven zoeken.


V: Wat bedoel je met last hebben? Zeg je dat de Inquiries alle emotionele en psychologische pijn uitroeit?

Scott: Het traject van dit werk is de natuurlijke afname of eliminatie van emotionele en psychologische pijn. Maar last hebben is niet hetzelfde als tijdelijk negatieve gedachten, emoties en fysieke sensaties ervaren. Last hebben betekent identificatie in de loop van de tijd met je meezeulen – je ergens mee identificeren, erin geloven, er pijn bij voelen en uren-, dagen-, weken-, maanden- of zelfs jarenlang door blijven gaan met je ermee te identificeren. Gedachten, emoties en fysieke sensaties zijn natuurlijke, tijdelijke fenomenen van onze ervaring. Het gaat er niet om ze met alle geweld uit proberen te roeien met behulp van persoonlijke wil. Het gaat er niet om om te proberen ergens te komen, ook niet naar een toekomstige plek waar je geen pijn voelt. Het gaat erom alles dat opkomt er te laten zijn zoals het is en het de klitkracht ongedaan te maken die de fenomenen bij elkaar houdt. Het gaat erom te zien dat wat jij als echt en waar beschouwt en de bron van jouw leed is, feitelijk onvindbaar is. Het gaat erom te zien dat gedachten alleen blijven hangen en je laten lijden als je de emotie of fysieke sensatie die eraan geklit zit niet opmerkt en die er niet volledig en vriendelijk laat zijn zoals die is. Zodra je dit steeds meer begint in te zien, temidden van wat er ook maar opkomt, vermindert de last of verdwijnt die zelfs. Maar nogmaals, het is geen zoekspel. Het is een spel van rusten, alles laten zijn zoals het is en een paar kundige vragen te stellen om dat wat maakt dat je last hebt echt onder ogen te zien en op te lossen.


V: Hoe ver kan iemand gaan met de Inquiries? Het lijkt alsof je ze alleen oppervlakkig zou kunnen gebruiken, alleen maar om met een paar pijnlijke gedachten en emoties om te gaan. Maar zou je er niet ook verder mee kunnen gaan, tot het inzicht dat alles onvindbaar is?

Scott: Ja, dit werk is beïnvloed door (maar anders dan) de Boedhistische Madhyamaka School, een zelden vertaalde school. Ik kwam voor het eerst in aanraking met de leer over onvindbaarheid via mijn vriend en leraar Greg Goode. In deze school gaat het erom het idee te weerleggen dat dingen een inherent bestaan hebben. Het inherente bestaan bezorgt ons leed omdat we de werkelijkheid en de mensen, dingen en omstandigheden in ons leven voortdurend verkeerd waarnemen als objectief, vast en voordurend. Als je de Inquiries heel ver door trekt, ga je de leegte van alles inzien. Dit is ongelooflijk bevrijdend. Als je niet zo ver wil gaan, kunnen de Inquiries ook alleen gebruikt worden voor het omgaan met vervelende verslavingen, angsten of de tekort-verklaringen die leed veroorzaken. Het is aan elk individu om in te schatten hoe ver hij of zij wil gaan.


V: Leegte – een verwarrende term. In het onderricht over bewustzijn wordt leegte vaak hetzelfde beschouwd als bewustzijn. Bedoel je dat, dat het leven begint aan te voelen als een grote, lege ruimte?

Scott: Nee, zelfs die grote, lege ruimte is onvindbaar als je er met de UI naar zoekt. Leegte betekent hier dat welk object je ook maar als waar, echt, objectief, vast en voortdurend beschouwde, helemaal niet op die manier bestaat. Het zien van de leegte van iets betekent dat je het niet kunt vinden als je ernaar op zoek gaat. Als je dan tot rust komt in wat voelt als een grote, open, lege ruimte genaamd bewustzijn, kun je naar dat bewustzijn zoeken en zien dat het ook leeg en onvindbaar is. Dit helpt bij het arriveren bij het idee dat leven één grote leegte is (dat nihilisme of dogmatisch denken voort kan brengen). De grote leegte is net zo onvindbaar als het zelf of een dreiging of een drang. Alle dingen zijn even onvindbaar.


V: Als iemand de vragen zo ver door trekt, zou het leven dan niet betekenisloos worden? Alles lijkt dan onwaar en een illusie te zijn toch?

Scott: Als ik deze vragen beantwoord, onthoud dan dat ik spreek vanuit mijn eigen, directe ervaring. Ik ga er niet van uit dat iedereen dingen gaat zien zoals ik ze zie. Betekenisloos wordt pas een eindbestemming als je weigert ernaar te kijken. Betekenisloos is ook onvindbaar. Het leven zit vol met betekenis. Elk woord dat ik typ, heeft betekenis. Elk verhaal dat we vertellen heeft betekenis. Het verschil is dat je inziet dat niets een inherente betekenis heeft. Dit “betekent” (zie je de ironie?) dat alle verhalen in het leven blijven verschijnen, maar je bent er niet mee geïdentificeerd. Je grijpt je er niet meer aan vast en blijft er niet meer in hangen. Je kunt spelen in deze wereld met al zijn verhalen. Vertel verhalen. Luister ernaar. Geniet ervan. Debatteer ermee. Maar je ziet tegelijkertijd ook de illusoire aard van al deze verhalen. Het is paradoxaal. Als je bijvoorbeeld naar het zelf op zoek bent gegaan en het niet hebt gevonden, zou je jezelf nog steeds “Joe” noemen, inclusief alle verhalen die betrekking hebben op Joe, maar je zou dit met een lichtheid doen en er niet al te zwaar aan tillen. Het leven wordt een vreugdevol spel, in plaats van het serieuze en zware gevoel dat alles wat je over een Joe en al het andere denkt, objectief waar en echt is.


V: Maar hoe helpt dit met de problemen van de wereld? Hoe beëindigt dit het terrorisme bijvoorbeeld?

Scott: Dit helpt daar niet mee, tenzij terroristen inquiry gaan doen naar de inherente overtuigingen die hen tot geweld aanzetten. Inquiry is iets dat je voor jezelf doet. Zoals Michael Jackson zong: begin met ‘de man in de spiegel’. Je begint de wereld te veranderen door je relatie met je gedachten, emoties en fysieke sensaties te veranderen. Door dat onderzoek begin je de wereld heel anders te zien. Totdat de terroristen en moordenaars van deze wereld inquiry gaan doen, zijn we aangewezen op meer conventionele manieren om deze problemen aan te pakken. Ik laat dat graag over aan de politici en ik stem op die politici die zich bewust zijn van de mogelijkheid dat zelfs hun eigen overtuigingen leeg zijn. Inquiry doen opent de deur naar meer transparante, medelevende, liefdevolle en harmonieuze relaties. Op dit moment wordt er in de wereld vooral veel naar buiten gewezen. Het is altijd de fout van iemand anders. Iets of iemand anders wordt gezien als de bron van pijn en leed. De Inquiries moedigen ons aan om dieper in te gaan op de triggers, overtuigingen en identificaties achter al dat naar buiten gewijs. Het zou geweldig zijn om twee wereldleiders zich te zien bezighouden met inquiry naar elkaar of twee dogmatische, religieuze mensen die hun overtuigingen onderzoeken. Maar inquiry is zeer bedreigend voor onze meest waardevolle overtuigingen. Die angst alleen al weerhoudt veel mensen ervan eens echt goed te kijken.


V: Relaties zijn zo lastig, inclusief de relaties tussen mensen en tussen groepen, naties, religies en politieke partijen. Is er enige hoop dat we allemaal onze percepties grondiger gaan onderzoeken om deze relaties meer in harmonie te laten verlopen?

Scott: Daar zijn we nu verre van. Je hoort niks over inquiry doen op CNN. Je hoort er niet over in presidentiële toespraken of debatten. Je ziet niet vaak dat echtparen onderling inquiry doen in plaats van te reageren op de gebruikelijke triggers. Deels heeft dat te maken met gebrek aan educatie. Veel mensen weten niet eens over de mogelijkheid van inquiry doen. Ze hebben waarschijnlijk nog nooit van het woord ‘inquiry’ gehoord. Hoe meer we het hebben over het doen van inquiry en de waarde ervan en laten zien hoe effectief het in ons eigen leven is, hoe meer andere mensen erachter zullen komen. Vrijheid is erg besmettelijk.


V: Kan inquiry doen niet tot gevolg hebben dat iemand in een gewelddadige relatie blijft in plaats van actie te ondernemen om eruit te stappen of meer voor zichzelf op te komen?

Scott: Niet als het grondig en effectief wordt gedaan. De meeste mensen merken dat ze juist beter in staat zijn de juiste actie te ondernemen na het doen van inquiry. Als je bijvoorbeeld alleen al zoekt naar ‘het slachtoffer’, kan daardoor deze slachtoffer-identiteit uiteenvallen. En die identiteit maakt dat veel mensen in een relatie blijven die schadelijk of destructief is. Inquiry doen naar de eigen onderdrukte stem of zelfexpressie kan een groter vermogen tot stand brengen om voor zichzelf op te komen in een relatie.


V: Ervaren mensen zichzelf als een soort van niets na het doen van inquiry, zodat zelfliefde irrelevant wordt?

Scott: Integendeel. Praat met facilitators die de Inquiries hebben toegepast op hun diepste identificaties. Ze zullen je waarschijnlijk vertellen dat er nu veel meer zelfliefde en mededogen is. Dat is een andere paradox. Je zou kunnen denken dat het resultaat is dat je geen zelf vindt of zelf alleen als lege ruimte vindt. Maar op een heel raadselachtige manier brengt inquiry juist compassie, liefde en acceptatie teweeg voor hoe we ook maar in het leven verschijnen, op ieder moment.


V: Hoe heeft inquiry doen jou persoonlijk geholpen?

Scott: De oude tekort-verklaring, die mijn leven leidde – ik ben niet aimabel – is nergens meer op mijn radar te bekennen. Het voelt als een vage herinnering zonder dat er een emotie of gevoel aan klit. Hierdoor kan ik meer onvoorwaardelijke liefde ervaren voor mezelf en voor mensen met wie ik in relatie sta. Ik voel me veel comfortabeler om gewoon te zijn wie of wat ik ook ben op elk moment. Toch kan ik niet echt bepalen wat of wie ik ben, waardoor ik mezelf en al het andere veel minder serieus neem. Het heeft ook enorm geholpen bij traumatische ervaringen, angst en verslavingen. Verslaving is voor mij vrijwel helemaal van de kaart geveegd. Ik geniet nog steeds van enkele genoegens, maar ik voel me er niet meer aan vastgeketend.


V: Wat zou je willen zeggen tegen de lezers die hier je antwoorden lezen, maar die nog steeds terughoudend zijn om de Living Inquiries te leren en te gebruiken?

Scott: Probeer het gewoon. Wat heb je te verliezen? Zelfs als je geen geld hebt om met een facilitator te werken, zijn er tal van gratis video’s waarin uitgelegd wordt hoe het proces werkt, zodat je het zelf kunt proberen. Als het niet werkt, laat je ze gewoon links liggen. Maar het komt zelden voor dat iemand het probeert en vindt dat het helemaal niet helpt. Wat mensen er meestal van weerhoudt om het te proberen, is angst, kortzichtigheid of het idee dat methodes over het algemeen niet werken. Sommige mensen zijn gewoon niet klaar voor dit werk. Ze moeten meer lijden. Maar lijden heeft de neiging om mensen te leiden naar wat werkt. Zo kan het zomaar zijn dat ze na een paar jaar lijden uiteindelijk bij de Inquiries terecht komen. Elke weerstand die je ervaart ten aanzien van dit werk kan met behulp van de Living Inquiries worden onderzocht. Voor mij is het leven te kort om geen vaardige manier te hebben om de oorzaak van mijn lijden te onderzoeken.


V: Zitten sommige mensen niet werkelijk vast in hun hoofd aangaande spirituele concepten en ervaren zij niet echt waar non-dualistisch onderricht werkelijk naar verwijst? Hoe kunnen die mensen worden geholpen met de Inquiries?

Scott: Ja, dat noemen wij overcompensatie. Het is veiliger om je aan de concepten vast te klampen dan ze te onderzoeken. Overcompensatie is een manier om de diepere, pijnlijkere emoties en fysieke sensaties in het lichaam te vermijden. Het is vaak een manier om onopgelost trauma te maskeren. Het is altijd een kwestie van gereedheid. Wil je je ideeën en je kennis over spiritualiteit versterken of wil je direct vrijheid ervaren? Wil je doorgaan met bypassing en overcompensatie of wil je de onderliggende pijn onderzoeken en oplossen? Voor mij is de keuze heel eenvoudig. Ik weet dat ik tijdens perioden waarin ik al deze spirituele concepten probeerde te begrijpen, bezig was met bypassing. Ik was niet klaar om de diepere pijn te onderzoeken. Maar het leven laat het ons wel zien als we niet diep genoeg gaan. Het lijden gaat door totdat we de deur openen om er op een vaardigere manier naar te kijken. Op dat moment kunnen de Inquiries veel helpen.


V: Doe je nog steeds inquiry?

Scott: Veel minder dan vroeger. Hoe minder leed er is, hoe minder er te onderzoeken valt met de Inquiries. En nu experimenteer ik op het Kiloby Centrum met nieuwe manieren van verkennen, manieren die de basis van de Inquiries bevatten, maar er nieuwe elementen aan toe voegen, vooral elementen die diepgewortelde contracties en trauma in het lichaam aanpakken.


V: Wat moet Scott nog onderzoeken? Is er nog iets waar je last van hebt?

Scott: Nee, ik draag niets met me mee in de tijd. Af en toe ontstaat er een kleine trigger, maar deze wordt meestal snel gezien en lost zichzelf vanzelf op. Toen mijn moeder overleed, voelde ik enorme golven van verdriet. Maar de Inquiries hielpen me om bewust te blijven van de diepe pijn. Ze lieten me zien dat verdriet eigenlijk gewoon liefde is, vermomd als pijn. Maar er was zeker pijn. Het loste vanzelf op, maar het rouwproces moest volledig worden onderzocht. De pijn heeft zich niet voort gezet in de tijd. Als ik aan mijn moeder denk, voel ik alleen liefde en mededogen. In de afgelopen vijf jaar heb ik me meer geconcentreerd op enkele diepere contracties in de buurt van mijn ruggengraat, overblijfselen van eerder trauma van het opgroeien als homo en gepest worden. Maar die zijn grotendeels uitgedoofd. Er zit nog steeds wat energie in kleine budeltjes in de buurt van de wervelkolom. Ze lossen op natuurlijke wijze op door eenvoudig rusten en af en toe inquiry doen. Het was een geweldig proces om naar te kijken, toen eerdere tekort-verklaringen, verslavingen en angsten wegvielen, resulterend in de diepere contracties en geblokkeerde energieën die in het licht van bewustzijn komen en langzaam oplossen. Het leven is geweldig! Er komt geen einde aan de reikwijdte van vrijheid. Het was niet altijd gemakkelijk. Ik heb door de jaren heen veel pijn ervaren. Maar ik ben zo blij dat ik deze benadering heb gevonden. Ik kan me geen leven zonder voorstellen. Dat is waarom ik zo enthousiast ben over dit werk. Dat is waarom ik er zo veel over schrijf en praat. Ik wil gewoon dat anderen weten dat het er is en dat ze niet meer hoeven te lijden.

Dit blog verscheen eerder op de oude Living Inquiries-website