Artwork by Bart W. Balint

Door Melanie Balint Gray, vertaald door Pleun Vermaas.

Laatst pikte ik een uitspraak op uit mijn gedachtenstroom: ‘geef het maar op met mij’. Er was meteen instemming. “Ja!!” Geef het maar op met mij. Met dat kleine ‘ikje’, waarvan ik geloof dat ik het ben.

Geef alles op; streven, corrigeren, ontwikkelen, herzien, bereiken, zou-moeten, zou-niet-moeten, goed maken, plannen smeden, opbouwen en afbreken. Geef al die pogingen op om mijzelf of mijn leven te verbeteren, te genezen of te herstellen; te bemoeien met of manipuleren van andermans leven. Geef het maar op om te proberen genegenheid te winnen, een goedkeurende knik of een ja-ik-ben-het-met-je-eens, een klopje op mijn schouder of complimenten te krijgen.

Geef het maar op met m’n fitness workouts, dagelijks een dagboek bijhouden, regelmatig mediteren, vijf kilometer-wandelingen maken, handgeschreven bedankkaartjes en zelfgeknutselde kerstkaarten schrijven, helemaal zelf gekookte Indiase curry diners geven, zelfgemaakte cadeautjes voor iedereen, acht glazen water per dag, alleen puur eten, raw food en het boekhouden van mijn geldzaken, tot op de cent gepast.

Geef op die moodboards, vanuit-het-hart-marketing, vrouwelijke kracht, droomanalyses, tappen en ademen vanuit het hart. Geef zelfs maar op overtuigingen te doorzien, te transformeren of deze om te vormen tot zus of zo.

Geef op te overtuigen, over te halen, te verleiden, met brute kracht te forceren, te duwen en te trekken en te bekvechten met al die fragmentjes waaruit ik lijk te bestaan. En geef op diezelfde strategieën te gebruiken in de buitenwereld.

Geef op, geef op, geef op…

Het voelde als een overwinning. Voor heel even…

En toen hoorde ik nog een zin, als in een zacht gefluister.

Geef mee.

Kippenvel. Het is een graadmeter die deze dagen bijzonder vaak een bezoekje bij mij aflegt. Kippenvel, als iets resoneert. Van top tot teen.

Alles verstilde. Zo zat ik een poosje, bewegingloos. De woorden leken een stilte te dragen, die in en uit me vloeide.

Geef mee.

Niets behoefde enige correctie of genezing. Er stond niets op het spel, geen gevaar om uit de groep gesmeten te worden, uitgezet of verlaten te worden. Het was alsof er niets werd ontkend of afgekeurd en niets voelde als een tekort.

Dat sloeg ergens op. Dat directieve vingertje dat me zei dat ik maar op moest geven, was gewoon weer een andere ‘doe zus’, weer een commando, maar dan beter vermomd. Verpakt in een sluwe, aantrekkelijke belofte van opluchting en bevrijding. Laten we wel wezen, het zou ook geweldig zijn om mijn pogingen te staken om dingen voor elkaar te krijgen, uit te denken of te analyseren. Maar de instructie was een heel nette manier om eigenlijk gewoon te zeggen: ‘Nu is het afgelopen!’ of ‘Schei ermee uit!’ Ik was er met open ogen ingetuind, in die verhulde intentie van de geef-op-agenda om iets te verwerpen, af te breken of ervan af te komen.

Was dat niet gewoon weer een poging om iets te fixen? Het begon me te dagen. Ja, daar leek het wel verrekte veel op.

Met het veranderen van één woord – het woord ‘op’ in het woord ‘mee’ – veranderde het gevoel van leven; het ging van een gevoel van een chronisch knagende behoefte aan iets anders of beters naar helemaal niets meer nodig hebben. Geen behoeftes meer die om vervulling smeekten. Het leven ging van een gevoel van een subtiel en bijzonder slim plan om het fixen te fixen, wat de hele mikmak alleen maar heel sluw aan de gang hield, tot een authentieke stop. Er was geen belofte van gloria of een glansrijk momentum in de toekomst. Er werd nog geen opluchting of bevrijding geboden. En toch… Door te stoppen met al mijn pogen en moeite doen, ademde mijn lichaam lang en volledig uit. Als een zucht. Mijn spieren ontspanden, vrijgesteld van hun gewoonlijke modus, namelijk zo stijf als een plank.

Wat restte er zodra al die oude strategieën en mechanismen tot stilstand kwamen? Het simpele antwoord is: wat er ook maar opkomt in het huidige moment.

Er was lange tijd een verstilling. Zo lief. En een paar tranen.

Daarna merkte ik een neiging op om de woorden ‘geef mee’ te veranderen… Van een zachte fluister, zonder gebiedende wijs, het was eerder een uitnodiging, in weer een veeleisend regeltje zus & zo. Maar ik glimlachte, terwijl er meer tranen uit mijn ogen opwelden. En ik voelde die gebiedende energie opkomen en verdwijnen en opkomen en verdwijnen. Geef mee, ook dan.

Soms komt het voor dat het ‘geef op’ het voor elkaar krijgt zich te maskeren in ‘geef mee‘… en dan kan ik weer terug bij af zijn – die eindeloze tred van zelfverbetering. Maar… zelfs dan blijft die echo; hoor ik het ‘geef mee’…

Ik waardeer het zo, als ik die echo hoor. Het wijst me de weg naar binnen. Niet naar buiten of ergens boven. Nee, alleen naar binnen.

Geef mee. Geef acht aan wat er ook maar is, binnen in mij.

Geef een antwoord

Je email adres wordt niet gepubliceerd. Required fields are marked *

Post comment